Neurofeedback behandelbare klachten
Brainmed verzorgt al 18 jaar Neurofeedback behandelingen voor uiteenlopende klachten.
Brainmed staat voor kwaliteit, persoonlijke aandacht en flexibiliteit.
U kunt op de praktijk trainen of comfortabel thuis middels neurofeedback thuis.
Behandelbare klachten middels Neurofeedback zijn o.a.:
Uw klachten met Neurofeedback behandelen
Om uw klachten met Neurofeedback te behandelen, voer ik eerst een QEEG hersenonderzoek uit. Een QEEG is een hersenonderzoek om te beoordelen of de klachten die u ervaart terug te zien zijn in de hersenen en hoe de klachten kunnen worden behandeld met neurofeedback.
Naast inzicht in de vraag of en zo ja, hoe uw klachten samenhangen met uw hersenen (biologisch verklaringsmodel), levert het vaak ook aanwijzingen op over of en zo ja, welke behandelmethoden geschikt kunnen zijn op basis van uw hersenen.
Aan de hand van alle verzamelde informatie wordt er een persoonlijk behandelplan opgesteld om uw klachten met Neurofeedback te behandelen.
Wanneer u start met neurofeedback, ondergaat één keer per week een neurofeedback behandeling (120 min) op een praktijklocaties of bij u aan huis.
Neem contact op voor een vrijblijvend en kosteloos oriënterend gesprek met een neuropsycholoog.
Neurofeedback therapie thuis werkwijze
Neurofeedback wordt succesvol ingezet bij volwassenen en kinderen vanaf 6 jaar met uiteenlopende klachten. Hieronder leest u meer over neurofeedback bij enkele van deze toepassingen.
Neurofeedback training
Neurofeedback is een training om psychische, neurologische en neurobiologische klachten te verlichten door beloning van gewenste hersenactiviteit. Het is veilig, heeft geen bijwerkingen en heeft lange termijn effecten.
Bij neurofeedback worden de hersenen als het ware weer in de goede stand getraind, je zou het kunnen vergelijken met een reset van het brein.
Gemiddeld zie ik bij 75% van de mensen die neurofeedback ondergaan een wezenlijke verlichting van de klachten.
Waar Neurofeedback therapie
Bij Brainmed is het zowel mogelijk om op een praktijk locatie te trainen als middels neurofeedback thuis. Neurofeedback therapie is zowel op de praktijk als thuis altijd maatwerk en afgestemd op uw QEEG en wensen en behoeften.
Thuis trainen geeft veel vrijheid. Onbeperkt trainen waar en wanneer u wilt en binnen de grenzen van uw eigen belastbaarheid. Het gemiddelde rendement van de neurofeedback thuis ligt bovendien hoger als bij de training op de praktijk.
Op de praktijk is het echter weer mogelijk om de training te combineren met coaching/ psychologische begeleiding. Er is dus voor ieder wat wils.

Over Brainmed
In de afgelopen 18 jaar heb ik als neuropsycholoog veel ervaring opgedaan met QEEG, neurofeedback en neurofeedback thuis.
Neurofeedback pakt de klachten bij de bron aan en vormt een goed alternatief voor praten en medicatie.
Wat zeggen klanten over Brainmed?
Indrukwekkend
indrukwekkend, openbaring
Fijne ervaring!
Fijne intake gehad bij Tim. Alles wordt rustig en duidelijk uitgelegd en er werden veel dingen duidelijk voor mij op basis van de QEEG meting.
Goed resultaat en een zeer prettige begeleiding
De neurofeedback therapie heeft mijn klachten na een aantal maanden zeer intensief thuis trainen flink verminderd. Ik had voorafgaand aan de therapie een enorm vol hoofd, veel angstklachten en veel spanning in mijn lichaam. Deze klachten zijn momenteel veel minder op de voorgrond aanwezig. Tim is daarnaast een zeer prettige deskundige man om mee samen te werken. Hij is zorgvuldig, eerlijk en nagenoeg altijd bereikbaar. Hij geeft dagelijks feedback op de trainingen en wanneer iets niet lekker loopt, probeert hij altijd met je mee te denken. Het is echt maatwerk wat Tim levert, waarbij hij ook oprechte interesse toont en samen met jou werkt aan het doel.
Eindelijk helderheid
Na maanden van overprikkeling, vermoeidheid en wisselende focus bracht Brainmed eindelijk helderheid. De QEEG in november 2025 maakte objectief zichtbaar wat er speelde. Tim Smits vertaalde dat naar een concreet plan. Aanrader bij (vermoeden van) PCS.
Prettig mens, zeer betrokken en zeer deskundig.
Tim heb ik leren kennen als een bijzonder prettig mens die deskundigheid combineert met empathie, die heel erg betrokken is bij de individuele voortgang van de cliënt en ook heel adequate feedback geeft.
Erg goed!
Goed geholpen met duidelijke resultaten die mijn klachten weergeven! Ook goed advies, super!
Tim is goede luisteraar en heel duidelijk in zijn communicatie
Duidelijk uitleg van de hersen scan in begrijpelijke taal. Heeft inzicht gegeven welke problematiek bij mij speelt.
Verhelderend
De QEEG vond ik door de uitleg en duiding van Tim heel verhelderend in relatie tot mijn slaapklachten. Tim legt heel helder en rustig uit wat er de QEEG meet, hoe het werkt en vervolgens ook wat de meting laat zien. Ik kreeg vervolgens een voor mijn klachten en uitslag passend advies. Neurofeedback bleek niet de meest passende oplossing. Erg fijn dat Tim daar gewoon eerlijk en duidelijk over is en ook gelijk meedenkt over andere opties.
Duidelijk en vriendelijk
Tim is een aardige man die de tijd neemt om alles duidelijk uit te leggen. Ik kan nu nog niet zeggen of de behandeling ook effectief zal zijn maar ik ben hoopvol.
Veel gestelde vragen over Neurofeedback
Werkt neurofeedback bij autisme?
Gemiddeld zien we bij 75% van de cliënten met autisme, een afname aan klachten. Met neurofeedback kunnen we iemand met autisme niet genezen. Wel kunnen we met neurofeedback vaak een wezenlijk verschil maken voor kinderen en volwassenen met autisme (ASS).
Lees meer veelgestelde vragen over neurofeedback bij autisme.
Wat zijn de QEEG afwijkingen bij angst?
Als we naar de activiteit in de hersenen kijken (QEEG) zien we bij mensen met angststoornissen verschillende afwijkingen voorkomen:
Overarousal (te veel snelle hersengolven) over de rechter achterkant van het brein (parietale cortex). De achterkant van het brein zorgt voor de integratie van informatie die binnenkomt via de zintuigen. Afwijkingen in dit deel zorgen voor problemen op het vlak van de prikkelverwerking.
Overarousal (te veel snelle hersengolven) over de rechter voorkant van het brein (prefrontale en frontale cortex). Dit gaat vaak gepaard met aanhoudende negatieve en angstige gedachten.
Afwijkingen op de hersengolven betrokken bij het vermogen om lichamelijk en geestelijk te ontspannen (alpha hersenactiviteit). In de praktijk zien we dat zowel te weinig van dit type hersengolven over de achterkant van het hoofd of juist teveel van dit type hersengolven over de voorkant van het hoofd gepaard kan gaan met angst.
Tevens zien soms dat de snelheid van de alpha (alphapiek frequentie) gemiddeld wat te hoog ligt, war gepaard kan gaan met overalertheid, spanning en angst
Wanneer is er sprake van een angststoornis?
Er is sprake van een angststoornis als de angst zorgt voor een duidelijke lijdenslast of iemand in zijn functioneren beperkt.
Enkele veelvoorkomende angststoornissen zijn:
- paniekstoornis (paniekaanvallen)
- sociale fobie (angst voor negatieve beoordeling in sociale situaties)
- dwangstoornis (dwanghandelingen en/ of dwanggedachten)
- posttraumatische stressstoornis of PTSS (herbeleving van trauma)
- gegeneraliseerde angststoornis (aanhoudende angst en piekeren)
Wat doet angst in de hersenen?
Bij mensen met angststoornissen zien we vaak afwijkingen in het ‘emotionele brein’. Er zijn hierbij drie hersenstructuren gevonden die een belangrijke rol spelen bij angst: de amygdala, de hippocampus en de mediale prefrontale cortex.
De amygdala is een gebied in de hersenen dat informatie aan emoties koppelt. Verhoogde activiteit van de amygdala hangt samen met angst. De mediale prefrontale cortex kan de amygdala onderdrukken (door de neurotransmitter GABA) en als dit niet of onvoldoende gebeurt is er sprake van een toename van angst.
Hier lees je wat Neurofeedback voor angststoornissen kan betekenen.
Hoe werken hersenen bij angst en depressie?
Uit onderzoek komt naar voren dat als de hersenen aan de linker voorkant actiever zijn dan aan de rechter voorkant dit samenhangt met toenaderingsgedrag, positieve gevoelens en toegang tot positieve herinneringen.
Als de rechter voorkant daarentegen actiever is gaat dit gepaard met negatieve emoties en toegang tot negatieve herinneringen en sociaal terugtrekgedrag.
Zowel bij patiënten met depressie en angst zien we dan ook vaak in de hersenen, dat de rechter voorkant actiever is dan de linker voorkant. Een overactieve rechter voorkant van het hoofd (of onderactieve linker voorkant van het hoofd) vormt dan ook een biologische predispositie (gevoeligheid) voor zowel depressie als angst en komt derhalve vaak samen voor bij patiënten.
Hier lees je wat Neurofeedback voor angst en depressie kan betekenen.
Wat zijn de QEEG subtypen bij autisme (ASS)?
Onderzoek bij autisme, of beter ASS (Autisme Spectrum Stoornis), laat zien dat er niet zo iets bestaat als een standaard ASS hersenbeeld.
In eeg onderzoeken waarbij patiënten met autisme worden vergeleken met ‘gezonde’ controles worden afwijkende eeg patronen gerapporteerd, zoals frontale, pariëtale en occipitale alpha power verlagingen (Chan, Sze, & Cheung, 2007; Murias et al., 2007); een verhoogde mate van ‘phase consistency’ tussen posterieure frontale en anterieure temporale delen van het brein (Coben & Padolsky, 2007; Murias et al., 2007) en frontale en frontocentrale verhogingen in de delta en theta frequentiebanden (Chan, Sze, & Cheung, 2007; Kouijzer et al., 2009b; Kouijzer et al., 2010; Murias, Webb, Greenson, & Dawson, 2007).
Van klacht naar QEEG bij autisme
Afhankelijk van welke klachten op de voorgrond staan, zijn er verschillende afwijkingen in het hersenbeeld. Uit EEG en QEEG onderzoek bij kinderen en volwassenen met autisme komt naar voren dat het achterste gedeelte van de hersenen (pariëtale, temporale en occiptale cortex) vaak een afwijkend hersenbeeld laat zien vergeleken met mensen uit de ‘gezonde populatie’. Deze delen van de hersenen spelen een belangrijke rol bij de verwerking en het begrip van sociale informatie uit de omgeving (sociale cues), de prikkelverwerking, de verwerking van ruimtelijk-visuele informatie, de gezichtsherkenning en de verwerking en het begrip van taal en (stem)geluid.
Er zijn grofweg drie veelvoorkomende hersenbeelden (QEEG subtypen) die we vaak zien bij kinderen en volwassenen met ASS. De subtypen QEEG zijn o.a. beschreven in The Brownback, Mason and Associates Neurofeedback System (BMANS) manual 3 (2004).
QEEG subtype 1
bij Autisme, PDD-NOS, Syndroom van Asperger

QEEG subtype 1 wordt gekenmerkt door een bovengemiddelde hoeveelheid trage delta en theta hersenactiviteit, een benedengemiddelde hoeveelheid alpha activiteit en een bovengemiddelde hoeveelheid snelle beta activiteit.
Al deze afwijkingen vinden we overwegend in het centrale en achterste gedeelte van de hersenen (over de sensomotorische, temporale, parietale en occipitale cortex).
In figuur 1 zien we dit QEEG subtype afgebeeld, waarbij de gele en rode kleuren staan voor verhogingen van de betreffende hersenactiviteit, de blauwe kleur voor verlagingen van de betreffende hersenactiviteit en de grijze kleur voor niet afwijkende hersenactiviteit. Boven ieder hoofdje staat weergegeven op welke hersenactiviteit het plaatje betrekking heeft.
QEEG subtype 2
bij Autisme, PDD-NOS, Syndroom van Asperger

QEEG subtype wordt gekenmerkt door een benedengemiddelde hoeveelheid delta en theta hersenactiviteit, een bovengemiddelde hoeveelheid alpha activiteit en een normale hoeveelheid snelle bèta activiteit.
De afwijkingen vinden we wederom overwegend in het centrale en achterste gedeelte van de hersenen (over de sensomotorische, temporale, parietale en occipitale cortex).
QEEG subtype 3
bij Autisme, PDD-NOS, Syndroom van Asperger

Bij kinderen en volwassenen met ASS zien we soms ook klachten op het vlak van de executieve functies. Executieve functie problematiek wordt gekenmerkt door:
- problemen met de planning en de organisatie van het eigen gedrag;
- moeite met het verkrijgen van overzicht en inzicht;
- moeite met het overzien van de consequenties van het eigen gedrag;
- moeite met het anticiperen op gedrag van anderen;
- moeite met de onderdrukken van het eigen gedrag/ impulscontroleproblematiek;
- een verhoogde mate van boosheid, woede en/ of angst;
- problemen met het focussen van de aandacht; werkgeheugenproblematiek.
In het QEEG is dit doorgaans terug te zien als afwijkingen aan de voorkant van het hoofd (prefrontale en frontale cortex) en over de ‘midline’.
Een belangrijke hersenstructuur in dit gedeelte is de cingulate cortex. In Figuur 3 wordt dit QEEG subtype weergegeven. Er kan zowel sprake zijn van overmatige delta, theta, alpha of beta hersenactiviteit of een combinatie van allen. We zien dit QEEG subtype ook vaak in combinatie met QEEG subtype 1 en 2. QEEG subtype 3 komt relatief vaak voor bij mensen met zowel kenmerken van ASS als ADHD/ ADD.
Hoe werkt autisme in de hersenen?
De hoofdomtrek is bij ongeveer 1 op de 4 kinderen met autisme spectrum stoornissen (ASS) vergroot. Zij hebben in verhouding grotere hersenen.
Dat geldt overigens niet voor alle delen van het brein: zo zijn de frontale kwabben (de voorste delen van het hoofd) niet vergroot.
Daarnaast zijn enkele verschillen gevonden in de structuur van de hersenen. Hoe deze verschillen in structuur en volume precies samenhangen met de symptomen van autisme spectrum stoornissen is nog onduidelijk.
Recent hersenonderzoek laat zien dat bij mensen met autisme de informatieverwerking in de hersenen trager verloopt, en over meer schakels. De informatieverwerking is daardoor minder effectief.
Lees meer veel gestelde vragen over Neurofeedback bij autisme.
Hoe werkt Neurofeedback bij autisme?
Neurofeedback bij autisme is een vorm van biofeedback, gebaseerd op het idee dat vrijwillige (niet autonome) modulatie van hersenactiviteit geleerd kan worden via operante leerstrategieën.
Neurofeedback bij autisme werkt als volgt. Zodra verandering van hersenactiviteit in de gewenste richting plaatsvindt, krijgt het individu via de computer onmiddellijke positieve visuele en/ of auditieve feedback. Via deze feedback kan zelfregulatie van de hersengolven worden verbeterd (Gevensleben et al., 2012). Een voorbeeld hiervan is het kijken naar een film van betere kwaliteit bij het vertonen van de gewenste hersenactiviteit. Voor de start van een neurofeedback behandeling wordt er een hersenmeting (qeeg) gemaakt, waarbij de hersenactiviteit van de patiënt wordt vergeleken met een ‘gezonde populatie´ genormeerd op leeftijd. Aanvankelijk werd neurofeedback ingezet voor de reductie van epileptische insulten (Lubar & House,1976; Sterman & Friar, 1972), maar nu wordt dit bij vrijwel alle neurobiologische stoornissen, waaronder ADHD (De Hen & Geurts, 2008) en ASS ingezet (Coben & Padolsky, 2007).
Neurofeedback bij autisme behandeling
Neurofeedback bij autisme werkt wanneer er stoornis-specifieke afwijkingen zichtbaar zijn in het QEEG. De behandeling moet vervolgens worden afgestemd op de bevindingen bij de patiënt.
Het QEEG als leidraad voor de neurofeedback behandeling
Powertraining
Bij powertraining wordt er gericht getraind op het verminderen van danwel laten toenemen van de afwijkende hersenactiviteit, zoals zichtbaar in het QEEG. Dit is de meest gehanteerde vorm van neurofeedback. De behandeling wordt hierbij afgestemd op de individuele bevindingen in het QEEG.
Mu Powertraining
Soms zien we bij volwassenen en kinderen met ASS kenmerkende EEG hersengolven die op zichzelf niet wijzen op autisme of een vorm van pathologie, maar wel afwijkend lijken voor te komen bij autisme. Deze hersengolven hebben een kenmerkende morfologie (vorm) en worden Mu of Wicket ritme genoemd. Mu bestaat uit ritmische EEG activiteit met een kenmerkende ronde kant in 1 richting en een scherpe kant in de andere richting. Vaak ligt de frequentie ergens tussen 8-13 Hz. Het kenmerkende aan de vorm van activiteit is dat dit onderdrukt wordt bij beweging of de gedachte aan beweging van de hand en/ of arm aan de tegenovergestelde kant van waar we het Mu ritme in de hersenen zien. Vaak zien we Mu activiteit asymmetrisch terug over het midden van het hoofd (de motor cortex en de sensomotorische cortex). In onderzoek wordt Mu geassocieerd met de activiteit van spiegelneuronen. Er wordt aangenomen dat spiegelneuronen een belangrijke rol spelen in het vermogen om gedrag van anderen te begrijpen en te imiteren. Een dysfunctioneel spiegelneuronen systeem zou samen kunnen hangen met de klachten die we vaak zien bij autisme. Zo lieten Oberman en collega’s (2005) zien dat mensen met ASS afwijkingen vertoonden in dit systeem. Uit onderzoek komt naar voren dat Mu powertraining positieve resultaten laat zien bij ASS t.a.v. aandachtstaken en ASS symptomen (Pineda et al., 2008).
Coherentietraining
Coherentie is de mate van samenwerking tussen verschillende hersengebiden en dit wijkt vaak af bij kinderen en volwassenen met ASS. Zo zien we vaak abnormaal veel coherentie te zijn tussen hersengebieden die dicht bij elkaar liggen en juist minder coherentie tussen gebieden die verder van elkaar gelegen zijn (Baron-Cohen & Belmonte, 2005). Er heeft relatief weinig onderzoek naar deze vorm van behandeling met neurofeedback plaatsgevonden. Coben & Padolsky (2007) vonden positieve resultaten bij ASS met deze vorm van neurofeedback.
Is autisme te genezen?
Nee, autisme is niet te genezen. Er bestaat geen behandeling – noch met middelen noch met psychologische methoden – waarmee autisme kan worden genezen. Behandelingen en vormen van begeleiding kunnen wel bepaalde symptomen en gevolgen van autisme verminderen.
De werkzaamheid van psychofarmaca bij autisme is aangetoond voor ‘bijkomende’ problemen, maar niet voor de vermindering van autistische kernsymptomen. De beschikbare medicamenteuze behandelmethoden gaan naast deze beperkingen gepaard met een risico op en de angst voor bijwerkingen. We zien de laatste jaren dan ook een toename van de behoefte aan en belangstelling voor niet-medicamenteuze behandelmethoden voor kinderen en jongeren met ASS.
Neurofeedback
Een opkomende behandeling die vanuit dit perspectief gezien interessant is heet neurofeedback. Neurofeedback bij autisme is een behandeling zonder medicatie. Gemiddeld zien we bij 70-85% van de cliënten een afname van de klachten. Neurofeedback kent geen bijwerkingen en heeft blijvende effecten.
Hoe werkt ADHD in de hersenen?
Uit hersenonderzoek bij kinderen en volwassenen komt naar voren dat er bij ADHD en ADD als groep genomen sprake is van een onderactief brein vergeleken met een mensen van dezelfde leeftijd zonder klachten.
Zo is er bij ADHD & ADD als groep genomen sprake van:
- een bovengemiddelde hoeveelheid trage theta hersenactiviteit. Theta EEG activiteit komt voor tijdens het doezelen, (dag)dromen en lichte slaap, vlak voor het wakker worden of in slaap vallen. Overmatige theta activiteit overdag gaat gepaard met dagdromen, concentratieproblemen en motivatieproblemen en is vooral kenmerkend voor de aandachtstekortsymptomen van ADHD & ADD.
- een benedengemiddelde hoeveelheid snelle bèta hersenactiviteit. Bèta EEG activiteit speelt met name een belangrijke rol bij actieve mentale inspanning, zoals bij het maken van een moeilijke som. Te weinig bèta activiteit overdag kan problemen geven bij het focussen en volhouden van de aandacht en het verwerken van informatie.
Als we naar de locaties van de afwijkingen in de hersenen kijken bij patiënten met ADHD & ADD zien we dat dit met name het geval is:
- aan de voorkant van het hoofd (prefrontale cortex en de anterieure cingulate cortex). Deze gebieden zijn met name betrokken bij de impulscontrole en de executieve functies (planning, overzicht, focussen van de aandacht, werkgeheugen).
- over het midden van het hoofd (over de sensomotorische cortex). Dit deel van de hersenen is o.a. betrokken bij de concentratie en de lichaamsarousal (hypo-/ hyperactiviteit).
Bij 10-20% van de patiënten met ADHD & ADD zien we ook afwijkingen aan de rechter achterkant van het hoofd, o.a. over het bovenste gedeelte van de auditieve cortex. Dit gedeelte van het brein is o.a. betrokken bij het integreren van prikkels.
Lees meer veel gestelde vragen over Neurofeedback bij ADHD & ADD.
Hoe ontstaat ADHD?
Erfelijkheid speelt een belangrijke rol bij het ontstaan van ADHD en ADD. Zo zijn de verschillen in hyperactiviteit, impulsiviteit en aandachtsproblematiek voor een groot deel erfelijk bepaald. Enkele genen betrokken bij de dopamine-stofwisseling in de hersenen hangen nauw samen met het ontstaan van ADHD. Problemen tijdens de prenatale ontwikkeling, complicaties bij de geboorte of later opgelopen neurologische schade kunnen ook tot ADHD en ADD leiden.
De omgeving en opvoeding hebben geen sterke invloed op het ontstaan van ADD en ADHD, maar kunnen wel invloed hebben op de mate en ernst waarin de klachten voorkomen en blijven bestaan.
Er bestaat geen eenduidige oorzaak-gevolg relatie tussen overmatige inname van kleurstoffen en suiker, middenoorproblemen en visueelmotorische problemen en het ontstaan van ADD en ADHD.
Lees meer veel gestelde vragen over Neurofeedback bij ADHD en ADD.
Hoe werkt neurofeedback bij ADHD en ADD?
Neurofeedback bij ADHD en ADD werk als volgt. Neurofeedback bij ADHD en ADD richt zich vaak op het activeren van het onderactieve brein. De hersenen worden gemeten tijdens de behandeling en beloond om gewenste hersenactiviteit aan te maken. Vaak wordt de overmatig aanwezige trage hersenactiviteit (theta en alpha) en overmatig aanwezige snelle hersenactiviteit (hoge bèta) onderdrukt en de SMR en/of bèta hersenactiviteit versterkt. Het idee is dat door deze training de sensorische input en motorische output gefilterd wordt en de alertheid en gerichte aandacht (SMR en bèta) verbeteren. Tegelijkertijd worden het dagdromen of trance gevoel (theta), gespannenheid en hyperfocus (hoge bèta) onderdrukt. Op deze manier wordt geprobeerd om het filteren van informatie en de concentratie te verbeteren.
Het gemiddelde hersenbeeld bij patiënten met ADHD & ADD als groep genomen doet wellicht vermoeden dat iedereen met ADHD & ADD een onderactief brein heeft. Dit is echter niet het geval. Kijken we naar de bevindingen bij de individuele patiënten met ADHD & ADD, dan zien we dat het hersenbeeld individueel sterk van elkaar kan verschillen.
Zo zien we bij sommige patiënten met ADHD & ADD juist een overactief brein (Clarke e.a., 2001b). Overactiviteit gaat vaak gepaard met problemen op het vlak van de impulsiviteit, agressiviteit en ongeduld. Ieder hersenbeeld vereist een specifieke wijze van behandeling. Neurofeedback bij ADHD en ADD behandelingen worden binnen Brainmed daarom altijd afgestemd op het het hersenbeeld van de individuele patiënt en er wordt dan ook niet gewerkt met gestandaardiseerde behandelprotocollen. Het hersenbeeld wordt voorafgaand aan de neurofeedback behandeling altijd in kaart gebracht d.m.v. een uitgebreid hersenonderzoek. Dit hersenonderzoek (het QEEG) verschaft de behandelaar informatie over welke klachten er terug te zien in het brein en hoe en waar we deze het beste kunnen behandelen.
Hoe werkt een QEEG bij ADHD en ADD?
Ondanks dat ieder QEEG uniek is, kunnen we wel verschillende QEEG subtypen onderscheiden bij ADHD & ADD.
Vrijwel iedere patiënt met ADHD & ADD heeft kenmerken van 1 of meerdere van de onderstaande QEEG subtypen in het brein. Naast het onderactieve theta subtype en het overactieve high bèta subtype bestaat er ook een gecombineerd theta-high bèta subtype, gekenmerkt door overmatige theta en overmatige bèta hersenactiviteit. Verder kunnen we het theta subtype dat we vaak bij een combinatie van ADHD en leerproblemen zien en het theta subtype dat we vaak bij een combinatie van ADHD en een depressieve stoorns onderscheiden (bron: Robert L. Gurnee, MSW, CISW, DCSW, BCIA:EEG, QEEG/Diplomate).
Lees meer veel gestelde vragen over Neurofeedback bij ADHD en ADD.

Wat is ADHD?
ADHD is een neurobiologische stoornis en staat voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder.
We kunnen 3 subtypen onderscheiden:
- Het onoplettende type, gekenmerkt door ernstige en aanhoudende aandachtsproblematiek. Dit type wordt ook wel ADD genoemd, de kenmerken van hyperactiviteit/impulsiviteit ontbreken.
- Het hyperactief/impulsieve type, er is vooral sprake van ernstige en aanhoudende impulsiviteit en hyperactiviteit.
- Het gecombineerde type, gekenmerkt door ernstige en aanhoudende aandachtsproblematiek, impulsiviteit en hyperactiviteit.
AD(H)D gaat vaak samen met 1 of meerdere andere klachten/ stoornissen zoals hieronder weergegeven.

Brainmed neurofeedback pakt de klachten bij de bron aan.
Waar kunt u terecht?
De neurofeedback trainingen kunnen op één van de praktijklocaties of aan huis plaatsvinden middels Neurofeedback thuis.
Hier vindt u de praktijk locaties.

